Met Hauptwerk een betere orgelklank in de huiskamer

De overweldigende indruk die een orgel maakt is te danken aan de akoestiek van de kerk; akoestiek en orgelklank horen onverbrekelijk bij elkaar. In een kerk met slechte akoestiek kan de klank niet tot ontwikkeling komen. Een goed voorbeeld is het openlucht orgel van Kufstein, waarvan het geluid kilometers in de omtrek is te horen, maar waar de klanken zelfs dicht bij het orgel al een verwaaide indruk maken.

Ook bij een pijporgel in een woonkamer ontbreekt de akoestiek en kunnen de klanken zich niet ontwikkelen, daar ze de omgevende lucht niet in resonantie brengen. In een kerk kan de pijpklank en de akoestiek van de kerk in een sample (geheugen) worden opgeslagen. Een Hauptwerkorgel speelt deze sample af en laat heel realistisch de pijpklank uit de kerk horen. Het zijn luidsprekers die de klanken weergeven maar toch is een Hauptwerkorgel geen elektronisch orgel. Het verschil zit in de toonvorming die in een elektronisch orgel door toongeneratoren wordt opgewekt. De eigenschappen die kenmerkend zijn voor het ontstaan en de opbouw van de toon in een pijp zijn zo uniek, dat het elektronisch niet is na te bootsen. In een Hauptwerkorgel is de originele pijpklank aanwezig en klinkt overeenkomstig uit de luidsprekers. Voorwaarde is wel dat de pijpklank direct bij de pijp wordt opgenomen en onvervormd in de sample ligt opgeslagen. Een gelijktijdig opgenomen tweede sample kan de akoestiek weergeven. Om een compromis te vermijden is het beter hier twee samples te gebruiken, dan de beide klanksoorten in één sample te combineren.
De keuze tussen een Hauptwerkorgel en een huispijporgel is de keuze tussen echte klanken van een kerkorgel met de akoestiek of echte pijpen zonder akoestiek. Voorwaarden zijn wel:

1. De tonen moeten op korte afstand van de pijpen zijn opgenomen om elk detail in het geheugen op te slaan

2. De samples moeten in het Hauptwerkorgel worden geïntoneerd om deze details goed hoorbaar te maken

3. Goed gerichte luidsprekers op korte afstand van de organist moeten de klanken overdragen

Als aan alle voorwaarden is voldaan, is de klankbeleving voor de organist gelijk aan het bespelen van een pijporgel in de mooie akoestiek van een kerk. Door de veroudering van het orgelmetaal gaat het klankcorpus van de pijp beter resoneren. De klank van oude pijpen is mooier dan met nieuw metaal is te bereiken. In goed opgenomen samples van deze oude pijpen wordt deze bijzondere klank zo goed weergegeven, dat de nieuwe pijpen van mijn huisorgel dit niet kunnen evenaren.

Sets met alleen Dry samples en de akoestiek gekozen uit een van de kerkruimtes die in de Lexicon MX300 zijn opgeslagen voldoen nog beter, de akoestiek is dan aan de muziek aan te passen.

Het intoneren van samples is noodzakelijk

Op de pagina Intonatie leg ik uit waarom het noodzakelijk is om de samples op het eigen orgel te intoneren. Elk Hauptwerkorgel heeft weer andere audio-componenten en staat in een andere akoestische omgeving. De sample maker heeft de klanken van het orgel in de kerk in de samples opgenomen. Omdat de dynamiek van een huiskamer enorm verschilt met die van de kerk komen de klankverhoudingen niet overeen. Als de samples aan de eisen voldoen, wat slechts bij een klein deel van de aangeboden sample sets is gerealiseerd, moeten de samples aan de huiskamer worden aangepast.

Uitgangspunt voor dit nieuwe boek is het beschrijven van de werkwijze waarmee elke organist in staat moet zijn deze klanken optimaal op een Hauptwerkorgel weer te geven. Zelf beschik ik over een absoluut gehoor dat ook nog getraind is door het intoneren van pijpen.
In dit Hauptwerk Praktijkboek geef ik een logische en eenvoudig te begrijpen werkwijze, die ook mensen zonder absoluut gehoor kunnen helpen een doeltreffende intonatie uit te voeren. Intoneren is geen vorm van kunst maar een ambachtelijk werk; door het vaker te doen wordt ervaring verkregen. Het doel is beter articulerende klanken te krijgen, voor een organist een inspiratie ermee te spelen.

Op dit moment is het boek al 500 keer verzonden en mijn verzoek om hun ervaringen aan mij te schrijven gaf veel reacties. Dat geeft een wisselwerking bij het verwerken ervan naar uitgebreidere beschrijvingen en nieuwe hoofdstukken in het Praktijkboek. De methode om de klanken te intoneren blijkt goed te worden begrepen, ook door mensen die niet over een absoluut gehoor beschikken. Omdat het steeds dezelfde handelingen zijn, wordt snel routine verkregen.

Perfecte Sample sets

Alle Hauptwerkorgels worden onder verschillende omstandigheden gebruikt. De voorbeelden van mijn intonaties maken de methode van intoneren duidelijk, zij die het hebben begrepen kunnen de klanken op hun orgel optimaal maken. Zelfs als ze letterlijk worden overgenomen, zijn de klanken al veel beter, maar een groot aantal heeft me verzekerd dat al snel routine in het beoordelen werd verkregen en heeft bij hen tot prachtige resultaten geleid.
Bij Perfecte Sample Sets staan de samples die de klanken goed reproduceren. De keuze van de sample set is de belangrijkste voorwaarde om goede resultaten te bereiken.

De verbeteringen die ik met het intoneren heb bereikt zijn spectaculair, alsof er een dik gordijn werd verwijderd. De klanken van het originele orgel komen sprankelend en helder naar voren terwijl de bastonen in de linkerhand een vloeiend karakter krijgen. Opvallend is de glans en schittering die dan bij de tongwerken is te horen. Toegepast op Prestanten krijgt deze basisstem de zeggingskracht die bij een goed geïntoneerde Prestant hoort. De voorlopertonen (articulatie) zijn muzikaal heel belangrijk, maar moeten gelijkmatig klinken. Dit is met de intonatie te bereiken. Als bezitters van een Hauptwerk orgel op mijn orgel spelen horen ze een totaal ander orgel dan van dezelfde sample set die zij zelf ongeïntoneerd bespelen. Iedereen is welkom om zich bij mij thuis van de resultaten te overtuigen.

Het boek is gratis verkrijgbaar indien het met vermelding van het volledige adres wordt aangevraagd.
                                                       mail naar:   John Boersma
auf Deutsch
Naast een Hauptwerkorgel toch een klein pijporgel

Hoewel ik door de ontbrekende akoestiek in een huiskamer de voorkeur geef aan het spelen op een Hauptwerkorgel, heb ik ervaren dat akoestiek niet wordt gemist bij het spelen op een klein pijporgel. Het is een muzikaal genoegen om met één of twee registers intieme orgelwerkjes te spelen. De Zwitserse organiste Annerös Hulliger neemt altijd haar kleine huisorgel mee, wanneer ze een concert geeft in een kerk. De kleine werken komen daarop beter tot hun recht dan op het grote kerkorgel. Het zijn sfeervolle muziekjes die ze met weinig volume speelt.

Enkele jaren geleden ontwierp ik een Tafelpositief waarvan de bouw gemakkelijk is en het materiaal weinig kost. Het bleek niet alleen aantrekkelijk te zijn voor beginnende orgelbouwers, maar het kleine orgel is ook gemakkelijk mee te nemen naar koorrepetities of te gebruiken als continuo-orgel.

Het ontwerp van dit kleine orgel voldoet aan twee eisen:

a.
De constructie is zo eenvoudig zijn dat mensen zonder ervaring het
     kunnen maken. Alle onderdelen van de bouw zijn gedetailleerd      getekend.

b.
Het register
Holpijp 8’ biedt een volwaardige klank en geeft de organist      dezelfde muzikale expressie als de Holpijp van een groot orgel.

Hoe het kan worden gebouwd is te zien in een grote hoeveelheid perspectivische tekeningen. Ze tonen elk detail van de constructie met 3D tekeningen, die een duidelijkheid hebben alsof ze van dichtbij zijn gefotografeerd. De onderdelen zijn vanuit meerdere gezichtshoeken getekend.
                                                                
       naar Pagina Tafelpositief

in English
start
hauptwerk
haupthuis
mini-orgel
tafelpositief
praktijkboek
sample sets
intonatie
schnitger
bader
holzhey
trostorgel
kiedrich
marcussen
contact
luidsprekers
orgels in mijn huis
nagalm
metalen pijp maken
boeken over orgebouw
betellen van boeken
kroniek
prestant
holpijp
tongwerk
constructies
GdO Arbeitskreis Hausorgel
linked sites